Natural Networking Festival 2007 - impressies van een festivalganger
Tekst: Erik de Vries (2007)

Wat open plekken in de Drentse bossen bij Schoonlo waar een aantal grote tenten zijn opgezet, kampvuren en tweehonderdvijftig mensen die een paar dagen bijeen komen om workshops te volgen en vooral elkaar mee te maken. Het klinkt als een simpel recept, maar één ingrediënt maakt het verschil: de mensen.

De bezoekers van het Natural Networking Festival (NNF) hebben een aantal dingen met elkaar gemeen. Het zijn representanten van de nieuwe netwerkwereld, die zich onderscheidt van de oude 'harde' netwerkwereld door een positieve houding ten opzichte van elkaar, een geneigdheid om ook te willen brengen in plaats van alleen maar te komen halen, inspirerende ideeën over hoe het beter kan met de wereld en vooral veel authenticiteit. Kun je me nog volgen? Dan neem ik je graag mee in een trip over het festival, zoals ik het heb beleefd van woensdag 5 tot en met zondag 9 september 2007.

Als we op woensdagmiddag op het festivalterrein arriveren, na eerst verdwaald te zijn in de uitgestrekte boswachterij van Grollo, zijn de meeste grote tenten al opgezet. Een handjevol pioniers heeft zichtbaar hard gewerkt, en we zijn blij dat we nog even de handen uit de mouwen kunnen steken, onder andere om te helpen met het opzetten van de cateringtent van 120 m2 en het leggen van een vloer in de 'huiskamer', een grote rechthoekige tent van zo'n 200 m2. Anderen zijn bezig enorme stroomkabels aan te leggen vanaf de twee aggregaten, leggen de laatste hand aan een tipi, of bereiden een maaltijd voor de opbouwwerkers van deze dag.

Na een regenachtige nacht in een tentje op een aanpalend veldje naast het festivalterrein breekt de donderdag aan met stralend mooi weer. De weergoden zijn gedurende het gehele festival uitermate coöperatief: de regen valt 's nachts en overdag is het nagenoeg droog met aangename temperaturen, niet te warm en niet te koud.
Donderdag staat grotendeels in het teken van opbouw en klussen. Van de bewegwijzering van het festivalterrein en de aanvoerroutes, tot de inrichting van de huiskamer met luie fauteuils en het configureren van een geïmproviseerde draadloze internetverbinding. Gedurende de dag druppelen wat extra hulptroepen binnen.

Het mooie is dat er bijna zonder organisatie een natuurlijke taakverdeling ontstaat, doordat mensen uit zichzelf de taken oppakken die ze zien liggen of waarvoor ze zich op dat moment het meest verantwoordelijk voelen. Het contrast met wat er vaak in organisaties gebeurt dringt zich aan mij op. Hoe vaak komt het niet voor dat mensen in organisaties die zich verantwoordelijk voor iets voelen of dingen willen oppakken die ze belangrijk vinden, aanlopen tegen een hogere laag waar anderen beslissingen voor hen nemen. Waarna op zeker moment het management besluit dat er een motivatieprogramma moet komen om te kijken hoe de aanwezige talenten beter kunnen worden benut.

Hier bij de opbouw van het NNF gebeuren die dingen allemaal op een natuurlijke manier, juist doordat er zo weinig organisatie wordt uitgeoefend. Het gevolg is dat de dingen die gebeuren goed gebeuren, omdat automatisch de mensen zich over de onderwerpen ontfermen waar ze al iets mee hebben. Ik zie bijvoorbeeld een stapel latten, mdf plaatjes en een zaag en hoor dat er borden moeten komen voor de bewegwijzering. Mijn timmermansinstinct weet ogenblikkelijk wat ik moet doen. Een ander die minder handig is met zaag en accuboor maar wel het proces doorziet en een ondersteunende taak voor zichzelf heeft gekozen komt helpen. Zonder iets af te spreken ontstaat een geoliede machine waardoor in no time veertig borden met aangeschroefde houten paaltjes met scherpe punt klaar liggen. En zo gaat het overal om ons heen.

Zo organisch en vanzelf zit niet de gehele totstandkoming van het NNF in elkaar. Natuurlijk is er het nodige voorbereid. De organisatie die het festival realiseert is gestructureerd volgens een model van concentrische cirkels. In het midden staan de founding fathers Martijn Aslander en Daan Buse. De inner cirkel daar omheen bestaat uit ongeveer tien mensen die verantwoordelijkheid nemen voor verschillende deelterreinen, zoals de catering, de stroomvoorziening, de huisvesting, de administratie en de communicatie. Daar omheen staat een iets grotere groep mensen die losse onderdelen voor hun rekening nemen: losse projecten zoals de bookcrossing, de soepvoorziening of de internetverbinding. En daar omheen bevindt zich een grote groep mensen die de buitenste cirkel vormen, en die bijdragen leveren aan de realisering van het festival. Behalve de opbouwwerkers en de hand- en spandienstverleners zijn dit de mensen die het inhoudelijke programma verzorgen: een caleidoscoop aan workshops en events verdeeld over vijf thema's Relax, Play, Brain, Media en Soul.

Toen ik een week vóór het begin van het festival op de website keek, was daar onder 'programma' nog nauwelijks iets ingevuld. "Oh dat komt allemaal goed", kreeg ik te horen. "Zo gaat het altijd met het NNF". En dat blijkt. Donderdagmiddag zitten we programma's te vouwen, waar in tegenstelling tot vorig jaar geen tijden bij zijn gezet. "Die veranderen toch steeds, dan blijf je krassen in het programma." Uiteindelijk komen er in de loop van het festival nog minstens zo veel programmaonderdelen bij. Dat is typerend voor het festival. Het festival wordt gemaakt door de deelnemers. Er is geen onderscheid tussen deelnemers en medewerkers; in feite is bijna iedereen gelijktijdig deelnemer en medewerker.

Deze aanpak lijkt alleen maar tot chaos te kunnen leiden, maar niets is minder waar. Het uiteindelijke programma wordt dagelijks op de zijwand van de grote huiskamertent geplakt, waarbij tijd, plaats en inhoud van de workshops en andere events duidelijk staan aangegeven. De horizontale programmering – alle programmaonderdelen beginnen op dezelfde tijden, om 11 uur, 14 uur, 16 uur en 20 uur – zorgt voor een duidelijke indeling van de dag in blokken. De hele dag worden er nog last minute programmaonderdelen toegevoegd en op de wand geplakt, en programmaonderdelen gewijzigd. En de volgende dag gebeurt weer precies hetzelfde. Het levert geen enkel probleem op. Integendeel, het werkt als een trein. De programmawand is een natuurlijke ontmoetingsplek waar mensen in de pauzes tussen de blokken staan te kijken waar ze het volgende blok naartoe gaan. De extra programmaonderdelen die ondertussen zijn toegevoegd maken het alleen maar leuker om te kiezen. Ik vind bijna alles wel interessant, en volgens mij vergaat het iedereen zo. Jammer dat je lang niet naar alles kunt waar je wel naartoe zou willen. Maar over wat je gemist hebt word je wel bijgepraat door iemand die er wel is geweest.

Tussen de blokken door is er ontbijt, lunch en diner. Prima verzorgd door mensen met proefbaar veel horecaervaring. Na het avondeten is er tot diep in de kleine uurtjes het grote kampvuur, waar iedereen omheen zit en waar de prachtigste gesprekken opbloeien. Bijna ieder gesprek is raak, leidt tot een boeiende kennismaking en een mooie uitwisseling van inzichten. Daaraan merk ik opnieuw dat ik hier tussen een bijzondere verzameling mensen terecht ben gekomen.

Donderdagavond gebeurt er iets bijzonders. Het festival is eigenlijk nog niet echt begonnen, maar er is een speciaal programmaonderdeel dat niet tot het eigenlijke festival behoort. Pentascope heeft toevallig gelijktijdig met het NNF een bijeenkomst gepland voor managers uit allerlei sectoren, met als onderwerp hoe krijg je jonge mensen enthousiast voor je organisatie. Ze willen per se Martijn Aslander als spreker bij deze bijeenkomst, maar Martijn kan uiteraard tijdens 'zijn' NNF niet even een avondje weg. Dus wordt de bijeenkomst verplaatst naar het NNF-terrein. De aankomst van het gezelschap in keurige pakken geklede managers (m/v) op het festivalterrein, waar tot dan toe casual de dresscode is, heeft even iets weg van een culture-clash. Driedelig grijs wandelt ietwat onwennig tussen klussende, lounchende of frisbieënde festivalgangers door. Maar uiteindelijk levert de NNF-setting juist een prachtige illustratie op van het thema waar de managers voor zijn gekomen. Jonge mensen voelen zich aangetrokken tot open organisaties, waar zij de ruimte krijgen hun talenten te ontplooien. En ze houden van netwerken met gelijkgestemden waarin ze van elkaar kunnen leren. Beide elementen zijn in levenden lijve op het NNF aanwezig. Eenmaal gewend zijn de managers zichtbaar en hoorbaar nieuwsgierig naar de setting waarin ze terecht zijn gekomen. "Wat leuk, is dit gesubsidieerd?" "Nee mevrouw, dit betalen we allemaal zelf." "Kunnen we dit volgend jaar sponsoren?" "Hoe kom je aan al die jonge mensen?" "Mogen we hier volgend jaar weer komen?" Bij sommige mannen zie je dat ze het liefst hun driedelig grijs zouden willen afwerpen en mee doen met hutten bouwen en vuurtje stoken. Ook weer even jong zijn.

Het is zeker niet allemaal jong wat er op het NNF rondloopt. Het spectrum van 20 tot over de 60 jaar is redelijk evenwichtig gevuld, met een duidelijke piek rond de dertig. Al die mensen zijn via via bij het NNF terecht gekomen. Er is geen marketingmachine die zorgt voor voldoende boekingen; eigenlijk is het NNF invite only. Dat verklaart het grote gehalte boeiende en gelijkgestemde mensen, die samen het festival tot zo'n bijzonder evenement maken. Het is het continue niveau van inspiratie, de rijkdom aan ideeën, de positieve houding van iedereen om je heen, dat het NNF zo bijzonder maakt. Er ligt een warme deken van bruisende energie over de Drentse bossen bij Grolloo. Eigenlijk moet je erbij zijn geweest om dat speciale NNF-gevoel te kunnen begrijpen.

Erik de Vries
www.e-rik.nl